Mooie Indische vrouw

1 oktober 2016
tekst: Ruud Vermaase

Ik zie een oud Indisch mannetje zijn stoepje vegen in een fris wit gewassen singlet boven een wijde gebloemde korte broek. Slippers aan zijn doorgezakte voeten. Okee, ook ik geniet van deze prachtige nazomer, maar dit is wel erg demonstratief zomers. In het voorbijgaan groet ik hem, vriendelijk als ik ben. Hij stopt even met vegen met zijn bezem, model Harry Potter en laat mij voorbij.

“Hee”, hoor ik hem mij ineens naroepen. “Hee”,  herhaalt hij scherp. Ik draai mij om. “Are you talking to me?” imiteer ik Robert de Niro.

“Jij bent toch een indo?” Verbouwereerd laat ik mijn handen zakken. “Jij bent toch een indo?”, herhaalt hij. “Ja, ik ben een indo. Slechts een halve hoor”, voeg ik er grappig bedoeld aan toe. “Doe je er veel aan?” informeert hij en zet zijn bezem tegen het muurtje naast zijn voordeur. Ik zwam wat over koken, krontjong zingen maar hij onderbreekt me al snel met de vraag of ik er wel eens geweest ben. Ik kijk nog eens goed naar hem en zie een gehoorapparaatje. Los daarvan weet ik uit mijn jeugd dat indo’s nooit luisteren maar alleen praten. Kletsen. Mijn moeder met haar zussen tijdens verjaardagen. Alleen maar kletsen, door elkaar heen kletsen, onsamenhangend kletsen, met waanzinnige wendingen en iedereen die ter sprake komt, krijgt een prachtige bijnaam. Want dat kunnen indo’s ook als de beste: bijnamen verzinnen.

Zo ook dit mannetje, hij luistert niet eens wat ik zeg. “Weet je wat ik een mooie Indische vrouw vind?” switcht hij ineens. “Sandra Reemer! Dat is nou echt een vrouw die indo is gebleven.”
Ik knik en denk aan Jos Brink die haar altijd mijn kroepoekje  noemde. En aan Andres met die enorme bakkebaarden. Ik luister niet.
“Kijk, weet je wie ik geen mooie Indische vrouw vind…” Hij raast door, pakt zijn bezem en veegt blaadjes weg die er niet meer liggen. Afwachtend zwijg ik.
“Anneke Grönloh” zegt hij hoofdschuddend. Nu reageer ik meteen: “Anneke Kreuntzo! Dat zei mijn moeder altijd als zij op TV kwam, wetend dat mijn vader haar zo’n aantrekkelijke vrouw vond.” Geen reactie.

“Die Anneke Grönloh is zo vernederlandst joh. Nee haar vind ik niks. Sandra Reemer, ja Sandra Reemer die is nog echt Indo…” keert hij weer terug naar zijn idool. Hij kijkt naar de grond, zijn gedachten mijlenver. Aandoenlijk. Ineens veert hij op en kijkt alsof hij een ontdekking heeft gedaan.

“Biertje?” vraagt hij met een het bekende kantelgebaar erbij. “Ik pak even een biertje voor je. Ik heb hoor. Echt waar! Of weet je wat? Kom even mee naar binnen.” Hij doet zijn voordeur open en wenkt mij. Ik kijk door het raam en zie teakhouten meubels, batikkleedjes en een wajangpop in een veel te kleine woonkamer. “Nee dank je. Ik moet er vandoor” zeg ik met een wijde zwaai kijkend op mijn horloge. Als ik doorloop naar de brievenbus heb ik al spijt. Welke prachtige verhalen mis ik allemaal door dat biertje te weigeren.

 

Voeg een reactie toe

Plain text

  • HTML tags zijn niet toegestaan.
  • Website-adressen en emailadressen worden automatisch omgezet in een link.
  • Regels en paragrafen breken automatisch af.