Skip to main content

Wandeling door mijn verleden

De oude Poortgebouwen van de Algemene Begraafplaats Bosrust in Zeist

Arnie wandelt over de Zeister Bosrust door zijn verleden. Het prachtige aangelegde park is ruim 18 hectare groot en heeft ongeveer 11.000 graven. Ooit had hij een verjaardagsfeest in het rechter poorthuis, de doodgraverswoning. Nu ziet hij veel bekende namen op de graven. “Goh Gijs, lig jij hier?”

20 september 2026

tekst en foto’s: Arnie Della Rosa

Op weg naar het graf van mijn ouders op de vroegere “Algemene Begraafplaats”, nu genaamd “Zeister Bosrust”, zie ik links en rechts om mij heen kijkend, de graven van vele bekenden. Als zeventigjarige realiseer ik me door mijn verleden te wandelen, maar ook dat ik, gezien de vermelde leeftijden op de graven, daar ook had kunnen liggen. Gelukkig heeft de doorgeslagen Europese Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) hier nóg niet toegeslagen, zodat de namen en foto’s gewoon te zien zijn.

Het prachtige aangelegde park is ruim 18 hectare groot en heeft ongeveer 11.000 graven. De oorspronkelijke entree van de begraafplaats uit 1917 ligt, komende vanuit Zeist, rechts aan de Woudenbergseweg en net voor Hotel-Restaurant Oud London. Je kunt ervoor kiezen om begraven, natuurlijk begraven of gecremeerd te worden. Maar ja, als je overleden bent en voor je dood niets geregeld hebt, valt er niets te kiezen en ga je over naar de andere zijde zoals de nabestaanden dat wensen. Het gedenkpark is om praktische en administratieve overwegingen ingedeeld in verschillende grafklassen. Op basis van de grootte van het graf, de duur van het grafrecht en de kosten zijn deze bepaald. Zo zijn er gedeelten met grotere en familiegraven, kleinere graven, door de gemeente toegewezen algemene graven, kindergraven, katholieke graven, Islamitische graven en een oude en nieuwe urnentuin. Deze klassen hebben dus niets te maken met sociale discriminatie, maar zijn een prijssysteem voor grondgebruik. Mijn ouders liggen op het katholieke gedeelte, dat in 1963 in gebruik genomen is. Voor God zijn we allemaal gelijk, maar in vroegere tijden lagen we wel gescheiden. Anno 2026 wordt de begraafplaats efficiënter benut zodat je ongeacht je religie, tenzij je anders wenst, in een vrijkomend of liggend graf ter aarde wordt besteld. Na crematie kun je mee naar huis, bijgezet worden in de urnentuinen of uitgestrooid worden op een van de strooivelden. Voor mij is de begraafplaats de plek waar hemel en aarde elkaar raken, waar herinneringen blijven en de stilte spreekt. 

Bij de nieuwe ingang uit 1938 hangt een luidklok met de inscriptie: “Ik roep de levenden en beween de doden”. Als laatste eerbetoon aan de overledene, kunnen nabestaanden deze bij het betreden van de begraafplaats laten luiden.

De nieuwe ingang van begraafplaats Bosrust in Zeist

Start van mijn wandeling
In 1976 was ik samen met mijn vriendin en nu alweer 46 jaar mijn vrouw, uitgenodigd voor een verjaardagsfeest van een vriendin en vriend in het rechter poorthuis, de doodgraverswoning. Ik herinner mij nog dat ik het in die tijd best een beetje luguber vond, om een verjaardag met ongetwijfeld harde muziek en waar gedanst werd, op zo’n doodstille plek te vieren. Voor hen was dit normaal, maar voor ons als verjaardagsgasten uiteraard niet. Het toeval wilde dat deze familie genaamd “Maassen” dezelfde naam had als de Limburgse meisjesnaam van mijn moeder, maar wij waren geen familie van elkaar. Overigens was het een geweldig feest dat tot in de late uurtjes duurde. Het aan de linkerzijde van het ingangshek liggende identieke huis, diende oorspronkelijk als wachtlokaal met opbaarruimte en koffiekamer.

Torenachtig gebouw op de Zeister Bosrust

Achter deze oude ingang met twee poorthuizen liggen links en rechts 46 oorlogsgraven. Iets verderop links staat een toren met daarin het oude badhuis waarin het personeel en hun gezinsleden zich konden wassen. Het personeel woonde in die tijd vrijwel allemaal op de begraafplaats en het werk op de begraafplaats was zeker bij regen en wind, geen werk waarbij je schoon bleef. Op een bankje net voorbij deze toren zit een man in werkkledij naar zijn telefoon te staren. Ik vraag hem of hij hier werkt en tijd heeft om mij wat informatie te verschaffen. “Als het niet te veel tijd kost wel”, antwoordt hij vriendelijk, “want er is daar een begrafenis gaande en als die voorbij is krijg ik, (mijn woorden: voordat er iemand in het graf valt) een telefoontje om een plaat over het graf te leggen”. Dit is dus de man die ze vroeger de doodgraver noemde. Op mijn vraag over de juiste naam van de voormalige bewoners van het poorthuis rechts, neemt hij mij mee naar hun graf en ik zie dat de naam op het familiegraf precies hetzelfde geschreven is als die van mijn moeder. De familie komt oorspronkelijk uit Austerlitz, vertelt hij. Langs een paar schuren lopend zegt hij tegen een paar werklieden dat ze nog niet naar huis mogen. “Ik bel jullie zo want de teraardebestelling is nog gaande en het graf moet nog gedicht/gesloten worden”. 

“Is dat het huis van de vroegere beheerder”, vraag ik wijzend naar een groot huis links voorbij de nieuwe ingang. “Zou kunnen”, is het antwoord, het hoort niet meer bij de begraafplaats en is verkocht. Een laatste vraag nog. Volgens het Gilde Zeist liggen er 24.000 graven, terwijl er volgens jullie site ongeveer 11.000 graven liggen. Welk aantal van die twee is goed. Het antwoord is: ongeveer 11.000 graven met gemiddeld 1,8 personen per graf. Vreemd. Mijn ouders liggen in een graf voor drie personen. Ik ben het nog niet van plan, maar zou daar wel bij willen liggen. “Ik weet niet of daar ruimte voor is”, antwoord de goede man, waarop ik als pragmaticus zeg, dan “schudden” jullie toch het graf zodat het dieper is. Ik zie een fronsend voorhoofd en hoor een “ja, dat kan”. Daarnaast heb je natuurlijk ook nog de urnentuinen en verzamelgraven. Over de plaats van de vroegere knekelput of over de verzamelgraven, waarin de restanten uit geruimde graven na het verlopen van de grafrechten liggen, wil hij alleen kwijt dat die locaties geheim zijn. Een en ander om te voorkomen dat het gedenkplaatsen worden. Weer bij het poortgebouw aangekomen neem ik afscheid van mijn naamgenoot en hij zegt: “als je nog iets wilt weten kun je mij hier vinden”. Ik denk, ja, op deze plaats zul je niet snel werkloos raken.

Vanaf de “Laan van de Eeuwigheid” loop ik over aangeharkte paden langs de graven en lees ik op grafstenen de namen van bekende Zeister families, vrienden, bekenden, werkgevers en collega’s. Mijn gedachten dwalen af naar die tijd en allerlei herinneringen komen boven. Goh Gijs, lig jij hier. Ik mistte je al een tijdje. En daar mijn motorvriend die met zijn Honda 750cc in 1977 verongelukte op het TT Circuit Assen, mijn klasgenoot die onder invloed van drugs over het spoor lopend door een trein overreden werd, mijn manager die zich nadat zijn dubbelleven ontdekt werd, zich in zijn auto vergaste en gevonden werd in het Zeister bos, de gescheiden collega, die ik de avond ervoor nog sprak, en zich van verdriet thuis in het trappengat verhing, mijn Joodse vriend die meerdere vernietigingskampen overleefde, zijn vrouw en hun enige zoon die op 16-jarige leeftijd aan leukemie overleed, mijn schoonouders, de jonge collega die uit zijn auto stapte en dood neerviel, de schoenmaker en vriend die een dag nadat ik hem sprak plotseling overleed en waarvan ik die middag op zijn sterfbed afscheid genomen heb, zijn lieve vrouw en mijn wandelvriendin die anderhalf jaar later op onze afspraak niet kwam opdagen en op vakantie in Spanje bleek te zijn overleden, de zoon van onze langste en lieve vrienden, de man van een vriendin in het door zijn collega’s geschonken eeuwigdurend graf, tennis-, judo-, hardloop-, voetbal-, dansschool- en zwem-vrienden, brandweercollega’s en zoveel winkeliers die ik persoonlijk goed kende.

Maar wandelend over de begraafplaats zie ik ook het witmarmeren familiegraf van de familie Labouchère, die eigenaar waren van Slot Zeist. Graven van bekende Zeistenaren als Peter G. Knegjens (1916-1996), bekend als Nederlandse sportverslaggever, presentator en reclamemaker. Anne de Vries (1904-1964), een Nederlandse onderwijzer en schrijver. Hij werd vooral bekend door een tweetal streekromans over de Drentse jongen Bartje en door het oorlogsboek voor de jeugd “Reis door de Nacht”. Harry Bannink (1929-1999), liedjesschrijver van meer dan 3.000 liedjes en musicals, componist, arrangeur, uitvoerend musicus en muzikaal leider. De kleine maar indrukwekkende Prof. Isaäc Arend (Lek) Diepenhorst (1916-2004), jurist, politicus en minister van Onderwijs en Wetenschappen. Dr. P.H. (Pier) van Gorkum (1931-2012), voorzitter CNV, docent sociale academie Driebergen, Politieke Partij Radicalen (PPR) en tweede Kamerlid, later PSP en uiteindelijk D66. G.J. (Gert) Schutte (1939-2022), voorman van het GPV, Tweede Kamerlid en plaatsvervangend gemeentesecretaris van Zeist. 

Catering tijdens afscheid
Een goede vriend van mij werkt een paar keer per maand op de begraafplaats in het “Grand Café Zeister Bosrust” voor een cateringbedrijf genaamd “Eet-Beleef-Bosrust”. Ik vind die naam nogal smakeloos en zeker als je als nabestaande na het afscheid een factuur ontvangt namens dat bedrijf. Eten en beleven? Of uitgegeten en geleefd?

Bang voor de dood?
Nee, angst kun je overwinnen, je kunt er vrede mee hebben en je eraan overgeven. Maar de manier van doodgaan daar heb je geen invloed op. De mens heeft overal al zoveel invloed op en je kunt zelfs een bodyscan laten maken zodat je weet wanneer en waar je misschien aan overlijdt. Nou, ik wil dat niet weten, het geeft zoveel onrust voor jou en je geliefden om je heen. Ik zou geen oog meer dicht doen. Leef je leven zo goed mogelijk voor de mensen om je heen. Als het goed is en je niet alleen bent, laat je na je overlijden al genoeg verdriet na. Mijn beide ouders zijn in mijn armen gestorven en mij persoonlijk lijkt het heerlijk en geruststellend om heen te gaan in de armen van degenen die je het meest lief hadden. Om vervolgens vanaf daarboven op een bankje in het zonnetje samen met familie en vrienden naar beneden te kijken en jullie glimlachend te groeten. Het ga jullie goed.

Uit de oude kist
Taalgrap: Een werknemer uit een ver land was werkzaam op een kerkhof. De beheerder informeerde na enkele weken of hij het naar zijn zin had. “Ja hoor”, zei de man, “maar ik vind het niet zo eerlijk”. “Waarom?”, vroeg de beheerder. “Nou, hier rust Kees, daar ligt Jan en ik maar werken”. De werknemer begreep de uitdrukkingen "Hier rust..." en "Hier ligt..." letterlijk als "luieren" of "niks doen", terwijl hijzelf hard moest doorwerken.

Flauwe grap: Een man en zijn zoon rijden langs de begraafplaats wanneer de jongen vraagt of er wel eens twee mensen in hetzelfde graf worden begraven. De vader: "Niet dat ik weet, waarom vraag je dat?" De zoon: "Nou, ik zag een grafsteen met de tekst: 'Hier ligt een advocaat en een eerlijk man”.

Utrechtse grap: ‘Het luie end' is de historische, bijnaamachtige Utrechtse benaming voor een deel van de Gansstraat. "Aan de ene kant legge (liggen) ze, aan de andere kant zitten ze!" 

Zittend: Aan de ene kant van de straat zat het beruchte Pieter Baan Centrum (een penitentiaire inrichting en psychiatrische observatiekliniek voor verdachten van ernstige misdrijven).

Liggend: Aan de overkant ligt de historische Begraafplaats Soestbergen (de oudste algemene begraafplaats van de stad uit 1830).

Macabere grap: Dirk die aangeschoten uit de kroeg komt besluit de kortste weg over de begraafplaats naar huis te nemen en valt in een pas gedolven graf. Hij roept om hulp en dat hij het zo koud heeft. De beheerder die hem hoort roepen ziet hem liggen. Dirk blijft roepen dat hij het zo koud heeft. “Geen wonder”, zegt de beheerder, “ze hebben je kist vergeten”.

Ik sluit af met de wijze woorden van mijn vader over mijn gedrevenheid en het altijd maar bezig zijn voor anderen. “Het kerkhof ligt vol met mensen die dachten dat ze niet gemist konden worden”. Dat klopt, niemand is onvervangbaar in zijn werk of maatschappelijke rol. Gelukkig ben ik daar op tijd achter gekomen, maar zo om mij heen kijkend hadden vele anderen dat geluk niet.
 

Bijdrage

 


Arnie schreef eerder: 
Van diverse pluimage


Meer over Bosrust: 
De tarieven van Bosrust

Charley Toorop achter een schildersezel


Volgende column: 
Charley Toorop en de vrije liefde

 

Add new comment

Plain text

  • No HTML tags allowed.
  • Web page addresses and email addresses turn into links automatically.
  • Lines and paragraphs break automatically.