Code Oranje op de boekenmarkt

1 juli 2019
tekst en foto: Arend Postma

Voor zover ik mij heugen kan heb ik nog nooit extreem weer met Pinksteren meegemaakt. Er is beloofd dat het deze keer wel gebeuren gaat. Zelfs Pinkpop adviseert haar bezoekers rekening te houden met de door het KNMI afgegeven Code Oranje.  

Dus wat de Boekenmarkt betreft mogen we op zijn minst een tornado op het Broederplein verwachten. Op een voor Zeist ongekende schaal zullen kramen met boeken, schilderijen en producten van huisvlijt metershoog de lucht in geslingerd worden om later onleesbaar en verminkt in de verre omgeving teruggevonden te worden. Met de onvermijdelijke zonvloed die hierop volgt zal Pinksteren 2019 onuitwisbaar in het collectieve geheugen van Zeist terechtkomen.         

In verband met het voorspelde weer zijn wij er in tegenstelling tot voorgaande jaren vroeg bij: 11 uur. Het aantal kramen is beduidend minder dan voorgaande jaren want toen stonden de randen van het binnenterrein helemaal vol. Dat kan alleen maar met de weersvooruitzichten te maken hebben. Ook zijn er nog genoeg bomen om onze fietsen aan vast te maken. Niets wijst op de verschrikkingen die komen gaan, alleen is de stilte beangstigend. Wij zijn behoorlijk Zen als we het zonovergoten Broederplein oplopen en de werkelijkheid is nog nooit zo overtuigend geweest.

In de eerste kraam worden de boeken nog net niet per kilo aangeboden maar 5 voor € 10,00. Buurtgenoot Maarten is iemand die met een plastic zak van V&D al om 10.00 op de boekenmarkt is om alles te kopen wat los en vast zit. Als hij de zak met boeken gelezen heeft gaat die naar de Eurowinkel in Driebergen. Maarten is een lezer van boekenmarkten zoals Bouwewijn Büch een lezer van bibliotheken was.

Daar staat mijn eigen leesgedrag in schril contrast tegenover. Want behalve een flinke stapel ongelezen boeken die alleen maar hoger wordt zijn er een paar boeken die ik al meer dan 10 jaar op vakantie meeneem. Ik vrees dat dat nog wel enkele jaren zo door zal gaan. Wel lees ik uitgebreid de leesmap in de wachtkamer van zorgverleners en bij de kapper, dat dan wel weer.            

Bij de volgende kraam zijn twee boeken onderwerp van gesprek: ‘De Willem Arntsz Hoeve, Den Dolder’ en 'De Willem Arntsz Stichting tijdens de Tweede Wereldoorlog'.

Ik sta boeken over Zeist door te bladeren. Het zijn er veel en ze gaan over van alles: de Dr. Schaepmanlaan, Vollenhove, de zilverindustrie, het Slot Zeist, enzovoort. Ik verbaas mij over hoeveel er al over Zeist geschreven is.

Links van mij zegt een vrouw: ‘Ik ben de schrijver.’ De verkoper pakt een van de twee boeken, slaat het open en zegt: ‘Dan bent u Saskia Bottinga.’ ‘Ja, dat klopt’, zegt ze. Ik kijk links van mij en daar staat dus een schrijver want anders was zij een vrouw die in de supermarkt voor mij in de rij had gestaan. Haar status is onbetwist: schrijver. Als schrijver word je liever kapot gelezen op de boekenmarkt gevonden dan puntgaaf in de ramsj.

Als een wild zwijn op zoek naar truffels, wroet ik in de bakken en dozen naar dat ene boek, die openingszin en de eerste dichtregel: ‘Ik ben een god in het diepst van mijn gedachten’ of ‘Ik ging naar Bommel om de brug te zien’. Het verzamelde werk van Jan Arends, Jack Kerouac met zijn ‘On the road’ en Malcolm Lowry vanwege zijn ‘Under the vulcano’ maken van de boekenmarkt een aangename, feestelijke bijna-doodervaring. Franz Kafka, Joseph Roth, Arendsoog en Peter Buwalda verhogen de feestvreugde - laat die tornado maar komen.  

 
Volgende column: Vrijwilliger
 

Add new comment

Plain text

  • No HTML tags allowed.
  • Web page addresses and e-mail addresses turn into links automatically.
  • Lines and paragraphs break automatically.