Skip to main content

Katholieke beelden aan De Breul

Het gebouw van scholengemeenschap De Breul in Zeist

Het gebouw van scholengemeenschap De Breul stamt uit 1953. In de wanden die op de Driebergseweg zijn gericht werden diverse beeldhouwwerken opgenomen. Dit beeldhouwwerk maakte bezoekers onmiddellijk duidelijk waar de school voor stond: een gezonde, Rooms-katholiek geschoolde geest in een gezond lichaam.

18 mei 2025

tekst en foto’s: Jan Willem Arends

De Jezuïeten kochten landgoed De Breul vlak na de Tweede Wereldoorlog omdat hun schoolgebouw in Den Haag bij bombardementen zwaar was beschadigd. Aanvankelijk kon men met de bestaande gebouwen (inclusief de stallen) toe, later ontstond de behoefte aan een nieuw schoolgebouw.

Dat werd ontworpen door de architecten B.J. Koldewey (1895-1958) en H.J. Mens en was gereed in 1953 (bovenste foto). De eenvoudige vijftiger jaren-architectuur is nog helemaal daar. In de wanden die op de Driebergseweg zijn gericht werden diverse beeldhouwwerken opgenomen. 

Beeldhouwwerk aan de gevel van De Breul toont diverse sporten

Links: gymzaal
Op de kopse wand van de gymzaal een reliëf van geglazuurd aardewerk met daarop diverse sporten (tweede foto). Het is gesigneerd: “Mignot 1954”, ongetwijfeld door de beeldhouwer Willy Mignot (1915-1972).

Binnen de voorstellingen op het tegeltableau corresponderen sommige lijnen (onder meer speer-floret). Ze zijn ook best strak ingedeeld:

  • Een verticale baan (hockey t/m zwemmen)
  • (Haaks daarop) een horizontale baan (handbal t/m schermen)
  • In de “oksels” van beide banen: hordenlopen, hardlopen, tennis en honkbal

De tegels zijn heel verschillend van grootte. Waarschijnlijk heeft de kunstenaar het kunstwerk of grotere delen ervan in “tegels” gesneden toen de klei zover was ingedroogd dat deze zo taai was als leer. Want dan kan klei zonder al te groot gevaar voor vervorming worden gesneden.

Beelden van vier heilige apostelen in de gevel van scholengemeenschap De Breul in Zeist

Midden: lokalen
De overige beelden zijn niet gesigneerd en hun makers zijn onbekend.

Iets oostelijker is boven een raam een rechthoekig reliëf geplaatst (derde foto) met vier kleine afbeeldingen om twee Griekse letters heen. Die afbeeldingen zijn de tekens van de evangelisten: mens (Mattheus), leeuw (Marcus), rund (Lucas) en adelaar (Johannes). De genoemde evangelisten schreven – hoe kan het ook anders – de evangeliën (canonieke, oftewel door het christendom goedgekeurde), biografieën van Jezus, die met de naam van hun schrijver worden aangeduid. De tekens van de evangelisten verwijzen dus niet alleen naar die personen maar ook naar hun boeken (strikt genomen zou het woord hoofdstukken hier juister zijn, maar de traditie wil: boeken).

De Griekse letters alfa en omega (de eerste en laatste letter van het Griekse “alfabet”, denk aan onze a tot en met z) verbeelden de Bijbeltekst: '“Ik ben de alfa en de omega”, zegt God, de Heer, “ik ben het die is, die was en die komt, de Almachtige.”' 

Met het vaste groepje tekens van de evangelisten maakte men duidelijk dat hun boeken alle belangrijke kennis bevatten. Voor de letters alfa en omega geldt iets vergelijkbaars: God is alles. Kennis van hem is genoeg.

Strikt genomen verwijzen tekens van de evangelisten, en alfa plus omega naar verschillende personen: Jezus respectievelijk God. Daardoor kan de indruk ontstaan dat christenen twee goden vereren. Dit probleem wordt opgelost met het dogma (de leer) van de heilige drie-eenheid: God, Jezus en de heilige geest (goddelijke energie) zijn één “persoon”.

Deze twee groepen verwijzingen komen veel voor in de christelijke kunst maar de combinatie ervan is zeldzaam.

Het reliëf is van beton (een goedkoop materiaal) en is in twee delen gegoten in door de beeldhouwer gemaakte mallen.

De oude hoofdingang van De Breul in Zeist

Rechts: hoofdingang
Nog wat oostelijker is de hoofdingang (vierde foto). Dit deel van de gevel springt er echt uit. Qua architectuur door te kiezen voor:

  • Een sterk asymmetrische plaatsing in het gebouw
  • Een symmetrische opzet
  • Twee vierkante (vrijwel even grote) gevelopeningen en een vierkant halletje (het vierkant is dé vijftiger jaren-vorm)
  • Een groter laagste vierkant (het halletje) en een kleiner hoogste vierkant (ramen en deur naar balkon) zodat het geheel naar boven toe visueel ranker wordt
  • Een zich naar boven toe (tot in de piron) versmallende gevelverhoging (wat past bij het vorige punt)

Qua versiering en beeldhouwwerk door te kiezen voor:

  • Een Grieks kruis (met vier even lange armen); een beeld van twee met de ruggen tegen elkaar aan zittende, lezende mannen; een ster
  • Een subtiel versierd metalen balkonhek (grotendeels strak en daarnaast een enkel dingetje dat moet opvallen subtiel versieren is ó zo vijftiger jaren)
  • Een ingemetseld vierkantje, een beeld van een man te paard en nog een ingemetseld vierkantje
  • Een piron op het dak

Het contrast tussen de strakke architectuur en het bovenste, rondere beeld werkt heel goed.

Door de symmetrische opzet komt de nadruk op het verticale midden te liggen, van onder naar boven: deuren, beeld, ramen, beeld, gevelverhoging, piron.

Detail van het beeld van een heilige boven de oude hoofdingang van De Breul in Zeist (vermoedelijk Willibrordus)

Bovenaan de gevel een sterk gestileerd beeld van een man te paard (de wijze van stileren is ook weer zo typisch vijftiger jaren, vijfde foto). Hij draagt een monnikspij, zijn kruin is geschoren (de zogenaamde tonsuur, van monniken die ook priester zijn), en hij heeft een Latijns kruis (een model van het kruis waaraan Jezus zou zijn gestorven) in zijn linkerhand.

Hoewel binnen de christelijke kunst de meeste heiligen op standaardwijze worden afgebeeld, is van deze figuur niet onmiddellijk duidelijk wie hij voorstelt. Er zijn twee goede mogelijkheden: Willibrord, die veel niet-christenen het christendom bijbracht (christenen spreken dan van: 'heidenen' en 'bekeren'), en Ignatius van Loyola, de stichter van de orde der Jezuïeten. Beide waren priester-monnik.

Willibrord (circa 658-739) is nou juist een van die heiligen van wie geen standaard-afbeeldingswijze is ontstaan. Een aantal afbeeldingen van hem toont hem zittend op een paard met een model van een kerk in zijn hand (zoals de bronzen Willibrord van Albert Termote op het Janskerkhof te Utrecht, onderste foto). Déze kandidaat-Willibrord zit ook op een paard maar dan niet met het model van een kerk en wel met een kruis in zijn hand. Interessant feit is bovendien dat de school zichzelf vroeger afficheerde als “Sint Willibrorduscollege” (Willibrordus is de gelatiniseerde vorm van Willibrord). 

Ignatius van Loyola (1491/5-1556) had tijdens een reis (te paard!) een visioen waarin hem de naam van 'zijn' orde werd geopenbaard: Orde van Jezus, Jezuïeten; en deze school was van die orde. Maar Ignatius werd nooit zo afgebeeld.

Al met al lijkt onze ruiter eerder Willibrord dan Ignatius te zijn.

Is dit beeld van natuursteen of beton? Dat is moeilijk vast te stellen mede doordat het geschilderd is (met structuurverf?). Gezien de materiaalschaarste en de zuinigheid van de naoorlogse decennia lijkt beton waarschijnlijker.

In dat laatste geval kan de ruiter zijn gegoten (gipsen positief → negatief → betonnen positief) of opgebouwd zoals dat ook met gips kan over een geraamte van metalen staven, draden en gaas.

Onderaan, onder het balkon en boven de deur, twee met de ruggen tegen elkaar zittende, lezende mannen. Ze betekenen niet veel meer dan ze voorstellen: hier wordt gestudeerd. Ze zijn gladder dan de ruiter en goed beschermd tegen regen en sneeuw zodat ook terracotta of zelfs (geschilderd) gips tot de mogelijkheden behoren.

Tot slot
Later werd de hoofdingang van de school verplaatst naar linksachter. Het gekke is dat het laten vervallen van de functie van een deel van een gebouw, dat en het beeldhouwwerk eraan zinloos en dus zielloos maakt. Het feit dat de meeste mensen van nu de schoonheid van de vijftiger jaren-architectuur niet zien (zodat het dus ook geen rijks- of gemeentelijk monument is) en de Rooms-katholieke beeldentaal van toen niet kennen, brengt het gebouw mogelijk in gevaar bij toekomstige aanpassingen ervan.

De gevel bevindt zich op grote afstand van de straat (dus verrekijker mee). Als de bouwers hadden gewild dat de beelden vanaf de straat voldoende zichtbaar zouden zijn dan hadden ze die moeten vergroten. 

Dit beeldhouwwerk maakte voorbijgangers (mits die het gebouw dicht naderden) en bezoekers onmiddellijk duidelijk waar de school voor stond: een gezonde, Rooms-katholiek geschoolde geest in een gezond lichaam. Een gezond jóngens-lichaam wel te verstaan, want meisjes waren nog lang niet welkom.

Bronnen:

  • R. Roosenboom, De geschiedenis van De Breul II. In: Seijst, 1997 IV
  • Bijbel NBV, Openbaring 1,8
  • J. van Laarhoven, De beeldtaal van de christelijke kunst […]. Sun, Nijmegen, 2e dr., 1992: Ignatius van Loyola
  • J. Hall, Iconografisch woordenboek. 7e druk, Leiden, 2011: Willibrord
  • De Volkskrant 18 januari 1958, in een personeelsadvertentie: “Sint Willibrorduscollege”
  • Wikipedia

P.S. Het is best mogelijk dat dit gebouw nog eens terug komt in deze serie!

 

Bijdrage

 


Jan Willem schreef eerder: 
De Dregels van Vollenhove


Meer over De Breul: 
Leerlingen De Breul vertellen over Auschwitz

Job Cohen geeft een gastles over de Joodse geschiedenis op het Jordan Lyceum in Zeist


Volgende column: 
Gastles Job Cohen op het Jordan

 

Comments

Jan Duiverman (not verified)

Wat een boeiend en gedetailleerd artikel over de gevelbeelden aan het oudste deel van KSG De Breul, Jan Willem.
Na 44 jaar De Breul lees ik toch nog een paar nieuwe dingen!

Mon, 05/19/2025 - 11:14 Permalink
Inge van Amerongen (not verified)

Interessant, vraag me toch wel ook af of " de man te paard" niet stiekem Sint Maarten zou kunnen voorstellen aangezien die ook uit de regio kwam?!

Fri, 05/23/2025 - 23:19 Permalink
Jan Willem Arends (not verified)

Reageerders, bedankt voor jullie reactie en complimenten! Inge, Sint Maarten is tot mijn verrassing zeker een mogelijkheid. De meeste afbeeldingen van hem tonen een Romeinse officier te PAARD die zijn mantel halveert om de helft aan een bedelaar te kunnen schenken. Daarnaast bestaan er volgens Hall's Iconografisch Woordenboek afbeeldingen van M als Romeins soldaat en christen/pacifist die enkel met een KRUIS de vijand tegemoet treedt. Verder was hij bisschop en dus was zijn kruin wellicht geschoren (TONSUUR).

Sat, 05/24/2025 - 12:22 Permalink
Jan Willem Arends (not verified)

Onderzoek gedaan. Resultaat: Willibrord blijft de meest waarschijnlijke optie onder meer omdat Maarten niet in monnikspij en met tonsuur werd afgebeeld. Meer hierover in een vervolgartikel.

Sat, 05/24/2025 - 17:21 Permalink

Add new comment

Plain text

  • No HTML tags allowed.
  • Web page addresses and email addresses turn into links automatically.
  • Lines and paragraphs break automatically.