Maatschappelijke dienstplicht (vervolg)

1 september 2018
tekst: Steven Spaargaren

Op 1 juli van het vorig jaar schreef ik een column over de Maatschappelijke dienstplicht voor jongeren. Dat idee is uitgewerkt in de formatie van 2017. Deze zomer las ik in Trouw een artikel dat de Maatschappelijke dienstplicht voorzichtig op gang komt. Na de zomer begint de maatschappelijke stage voor de eerste 13.000 jongeren die zich vanaf half september kunnen melden voor een maatschappelijke dienst.

Vooralsnog is het een proef met 38 projecten waarbij deelnemers werken zoals lifeguard bij de reddingsbrigade of als maatje van nieuwkomers. Bij een ander project worden diners op het platteland georganiseerd zodat stadsjongeren en boeren elkaar beter leren kennen. Daarnaast zijn er initiatieven in de zorg, sport en cultuur.     
Het kabinet stelt voor de eerste 38 projecten 25 miljoen euro beschikbaar. De subsidie  loopt vanaf volgend jaar op tot uiteindelijk 100 miljoen euro per jaar in 2021.

Ik lees ook diverse artikelen via internet onder meer een interview met staatssecretaris Paul Blokhuis in het Algemeen Dagblad.
Het nieuwe kabinet heeft dit voorjaar gesprekken gevoerd met honderden jongeren. De conclusie luidt: “We mogen ons niet rijk rekenen. Lang niet iedereen is zonder meer gemotiveerd om deel te nemen. Het is voor jongeren nog onduidelijk wat de diensttijd voor hen betekent. Zij maken zich zorgen over prestatiedruk en geven aan dat er al veel speelt in hun leven.”  
De staatssecretaris ziet het als een ‘hele mooie uitdaging’ om jongeren over de streep te trekken. 
Daarmee heeft hij een belangrijke voorwaarde te pakken. Jongeren moeten meedoen. Zij krijgen ook de leiding bij de uitwerking.

Daarmee verloopt de invoering van de maatschappelijke dienstplicht minder snel en is minder omvangrijk dan eigenlijk de bedoeling was.
In juni zijn de plannen van de staatssecretaris Paul Blokhuis in de Tweede Kamer besproken. Men vond tijdens het debat de plannen te vaag en te vrijblijvend. Toen bleek dat jongeren zelf mogen bepalen hoe de diensttijd eruit komt te zien en ook de duur met  een maximum van zes maanden. Daarmee herkennen we de stem van Paul Blokhuis. 

Hiermee wordt duidelijk dat het onderwerp een compromis is. De regeringspartijen denken heel verschillend over de invulling van de maatschappelijke dienstplicht. Enerzijds het CDA en CU, anderzijds VVD en D66. De christelijke partijen wilden aanvankelijk de stage verplicht stellen: de andere regeringspartijen voelden daar niet voor.

De bedoeling is dat de jongeren aan het eind van hun diensttijd een soort certificaat krijgen. Daarmee krijgen ze voorrang bij sollicitaties op een overheidsbaan.
Maatschappelijke dienstplicht voor zowel jongens als meisjes. Dingen doen die je niet gewend bent.
Dan heeft het zin voor jongeren. De vraag is of dat al of niet verplicht kan. Jongeren voelen niet voor een verplichting. Tijden veranderen!
 

Voeg een reactie toe

Plain text

  • HTML tags zijn niet toegestaan.
  • Website-adressen en emailadressen worden automatisch omgezet in een link.
  • Regels en paragrafen breken automatisch af.